Secundair Onderwijs voor extra onderwijsvak | AP Hogeschool Overslaan en naar de inhoud gaan
  • Secundair Onderwijs voor extra onderwijsvak

Leraar Secundair Onderwijs: extra onderwijsvak

  • Dagtraject (lessen op woensdagnamiddag en dinsdagavond)
  • Avondtraject (lessen op woensdagnamiddag en dinsdagavond)

    Troeven

    Flexibel studeren

    Je kan in hoge mate met je lectoren bespreken hoe je je lessenrooster invult zodat je je studies kan afstemmen op je persoonlijke situatie. Ook de mogelijkheid om je studiepunten te spreiden om de haalbaarheid van het verkort traject te garanderen, is zeker mogelijk.Je kan dit diploma op een jaar halen of spreiden over een langere periode. Je kan deze opleiding combineren met je werk, gezin of je studentenstatuut. Ten slotte wordt de opleiding, als je voor een knelpuntvak kiest, ook gesubsidieerd door de VDAB. 

    Een job met toekomst

    Studies tonen aan dat er de komende jaren een substantieel tekort zal ontstaan aan goed gevormde leerkrachten secundair onderwijs. Een extra onderwijsbevoegdheid zorgt ervoor dat je breed inzetbaar bent. Je kan ook specifiek kiezen voor een knelpuntvak.

    Stage op je werkplek

    Werk je al als leraar in het onderwijs? Dan kan je met de juiste begeleiding door een ervaren mentor op jouw school, kiezen om je stage op je eigen werkplek te lopen. Dankzij de begeleiding door een mentor op je werkplek én een lector van de hogeschool krijg je alle leerkansen aangeboden om te slagen.

    Hypermoderne leergrond

    De campus waar je les hebt is een levendige leeromgeving, uitgerust met moderne faciliteiten. Het gebouw aan het Eilandje is uitstekend bereikbaar dankzij de nieuwe metro- en tramverbindingen. Je geraakt er uiteraard ook vlot te voet, met de fiets of de wagen. Je treft op campus Spoor Noord niet alleen je lesgenoten aan, maar ontmoet er ook studenten uit andere lerarenopleidingen. Je leert van en met elkaar. Want wie weet, kom je hen later op de werkvloer opnieuw tegen?

    Spreiding van het traject

    Je kan het traject van 45 studiepunten in één jaar afronden. Wil je de opleiding combineren met een job of gezin? Afhankelijk van je eigen mogelijkheden, je voorkennis en de complexiteit van de te verwerven competenties, raden we soms aan om het traject over anderhalf jaar te spreiden. Indien je dat wenst, kan je tijdens een gesprek met de vaklector je beginsituatie nagaan en je startcompetenties in kaart brengen. 

    Programma

    De opleiding is opgebouwd uit drie blokken:

    • VAKINHOUD
      In de vakinhoudelijke opleidingsonderdelen leer je de kennis en vaardigheden die jij zal overbrengen op leerlingen van het secundair onderwijs. Deze vakinhouden verwerf je vooral door zelfstudie. Dit geeft je de ruimte om plaats- en tijdsonafhankelijk, op je eigen tempo te studeren met de leermaterialen die voor jou worden voorzien.

      Je staat er niet alleen voor. Jij wordt begeleid door onze lectoren in je leerproces. Je neemt deel aan een aantal leerknooppunten op. Je krijgt gerichte feedback van een vaklector die je vragen beantwoordt en mogelijkheden biedt om specifieke vaardigheden en technieken in te oefenen.
       
    • TOEGEPASTE DIDACTIEK  
      Het overbrengen van een vak vraagt een specifieke aanpak. Tijdens de lessen toegepaste didactiek wordt hierop ingezet. In het eerste deel van het traject bespreek je vakdidactische thema’s, begeleid door een lector van de hogeschool. Je maakt opdrachten die je onder begeleiding uitvoert. De groepen zijn gemixt. Een uitdaging om van en met elkaar te leren.  

      In het tweede deel van het traject neem je  3 dinsdagavonden deel aan vakdidactische ateliers waar vakexperten met didactische passie je op weg zetten om jouw vak even gepassioneerd over te brengen en te excelleren in meester- én vakmanschap. Deze sessies worden aangevuld met zelfstudiepakketten. 

      Coaching tijdens contactmomenten en vanop afstand.   
       
    • STAGE 
      Je stond of staat al voor de klas. Mogen ervaren hoe jij je leerlingen een stapje verder brengt geeft je een boost. Naast het beheersen van de nieuwe vakinhoud, wil je ook weten hoe je die best overbrengt via oefeningen en leerervaringen. Tijdens je stage krijg je die oefenkansen. Leren en vakmanschap ontwikkelen doe je vervolgens door middel van reflectie: de motor van ontwikkeling. Samen met je mentor en stagebegeleider kijk je terug op wat goed was en waar je uitdagingen liggen.  

      Stage loop je al van bij start van je opleiding zodat je de aangereikte theorie meteen kan omzetten in de praktijk.  

      Je stagebegeleider van de hogeschool bezoekt je minstens één maal per stageperiode en is beschikbaar vanop afstand.

    Semester 1 

    studiepunten 

     

    Vakinhoud 

    12 

    • Atelier & coaching op de campus: 3 x 3 uur op woensdagnamiddag  
    • Zelfstudie  
    • Vakspecifieke coaching op afstand 

    Toegepaste didactiek

    • Atelier op de campus: 3x3 uur op dinsdagavond 
    • Zelfstudie 
    • Vakspecifieke coaching op afstand  

    Stage  

    • 25 uur stage (eventueel) op de eigen werkplek (5u observatie & 20 u doe-stage)2 

    Totaal 

    21 

     

     

    Semester 2 

    studiepunten 

     

    Vakinhoud 

    15 

    • Atelier & coaching op de campus: 4x3 uur op woensdagnamiddag  
    • Zelfstudie  
    • Vakspecifieke coaching op afstand 

    Toegepaste didactiek

    • Atelier op de campus: 3x3 uur op dinsdagavond 
    • Zelfstudie 
    • Vakspecifieke coaching op afstand  

    Stage  

    • 25 uur stage (eventueel) op de eigen werkplek (5u observatie & 20 u doe-stage)

    Totaal 

    24 

     

    Modeltraject Academiejaar 2020-21

    Onderwijsvakken

    • Aardrijkskunde

      De aarde, wie is daar niet in geïnteresseerd? Zo verscheiden, zo boeiend.

      Zin om aardrijkskundeleraar te worden? Dat kan.

      • Ben je geboeid door het totaalplaatje?  
      • Zijn technologische ontwikkelingen je niet vreemd?  
      • Volg je de actualiteit en ben je geïnteresseerd in de ontwikkeling van onze samenleving, zowel lokaal als globaal?  
      • Wil je bijdragen tot een duurzame samenleving? 

      Aardrijkskunde neemt een unieke positie in als synthesewetenschap op het kruispunt tussen positieve en humane wetenschappen.  Het lesvak verdiept door data-analyse het inzicht in de actuele vraagstukken (klimaatverandering, migratie, duurzaamheid en voedselzekerheid, energievoorziening en waterbeheer) en rijkt meestal de antwoorden aan, gebruikmakend van ruimtelijk inzicht en inhoudelijke expertise, context dus.  

      In een globaliserende wereld is aardrijkskunde zonder gelijke in het vakkenpakket van het secundair onderwijs: het brengt inzicht aan over onze planeet, haar natuurlijk milieu, haar menselijke en economische structuren en politieke systemen. De leerling leert zo de wereld tijd-ruimtelijk te analyseren en bouwt competenties op om als wereldburger door het leven te gaan.  

      In dit traject ga je aan de slag met een volledig nieuwe leerlijn vakinhoud en vakdidactiek, gekoppeld aan de te bereiken competenties binnen de nieuwe eindtermen ruimtelijk bewustzijn . 

      VAKDIDACTIEK

      De aangereikte vakinhoud wordt onmiddellijk gekoppeld aan de toegepaste didactiek. Didactisch spitsen we ons toe op deze elementen welke het lesvak uniek maken als synthesewetenschap.  Je bouwt expertise op in atlasgebruik (digitaal en analoog), leert visueel- en cijfermateriaal integreren en je hanteert digitale hulpmiddelen in diverse lesontwerpen. Je leert interactief lesmateriaal opmaken en bekwaamt je in breed evalueren. Je wordt specialist in systeemdenken en ervaringsgerichte werkvormen. 

    • Biologie

      Als leraar biologie - natuurwetenschappen sta je mee aan de wieg van het ontwikkelingsproces van de ‘knappe koppen’ van de toekomst. Je helpt leerlingen wetenschappelijk 'geletterd' maken, zodat ze voor zichzelf en voor de maatschappij bewuste keuzes kunnen maken. 

      VAKINHOUD 

      We starten vanuit de natuurwetenschappen uit de eerste graad secundair onderwijs. Je bespreekt zowel biologische als chemische en fysische onderwerpen. 
       
      Voor biologie staan het menselijk lichaam en gezondheid centraal. Je gaat dieper in op de levende natuur: wat is leven, de cel en celdelingen, de structuur en fysiologie van bloemplanten, de verschillende diergroepen, de samenhang tussen de omgeving en het levende.  Ook aanpassingen aan de primaire levensbehoeften van gewervelde dieren worden besproken. 

      Je gaat aan de slag met ontdekkend en onderzoekend leren, onder andere via microscopische studies, dissecties, excursies en experimenten. 

      Daarnaast bestudeer je hoe het menselijk lichaam reageert op externe en interne prikkels: het zenuw- en spierstelsel, het hormonaal stelsel en het skelet. 
       
      Ook de gedragsleer of ethologie komt aan bod, zowel vanuit historisch als hedendaags perspectief. 
       
      Biologie studeren kan niet zonder aandacht te hebben voor biodiversiteit. Je duikt in de evolutie, het ontstaan van het leven, en de indeling van Woese. Daarnaast focussen we op bacteriologie en biotechnologie. 

      Ten slotte staan ecologie en duurzame ontwikkeling in het onderwijs op het programma. Bewuste dagelijkse keuzes en hun ecologische, economische en sociale impact komen aan bod. We leren je hoe je met jongeren hierrond kunt werken.   

      DIDACTISCHE HANDVATTEN  

      • We maken je vertrouwd met de leerlijn “natuurwetenschappen van basisonderwijs tot secundair onderwijs”. Je bouwt hierin heel wat vakspecifieke kennis op. 
      • We leren je hoe je een les natuurwetenschappen opbouwt met aandacht voor het ontdekkend en onderzoekend leren. Je leert practica en excursies organiseren. 
      • We dompelen je onder in competentiegericht evalueren op basis van vaardigheden, kennis en attitudes. 
      • Je ontwikkelt lesmaterialen op maat van je doelgroep: cursusteksten, instructie- en werkbladeren, spelmateriaal, digitaal materiaal, ... 
      • Je wordt aangemoedigd tot ‘big ideas’ in functie van STEM. 
    • Frans

      Frans is zo veel meer dan een nuttige wereldtaal ... Het is de sleutel tot een ongelooflijk rijk cultureel patrimonium.  

      VAKINHOUD 

      Stap voor stap breid je de Franse grammatica en woordenschat van het secundair onderwijs verder uit. Je verdiept je in de Franse geschiedenis en cultuur aan de hand van filmmateriaal. We gaan aan de slag met literatuur. 

      DIDACTISCHE HANDVATtEN  

      Aan de hand van concrete voorbeelden stomen we je klaar voor je taak als leerkracht. Je leert hoe je op een gevarieerde en motiverende manier kennis en vaardigheden overbrengt op je leerlingen. Hierbij krijg je genoeg ruimte om je eigen creativiteit in te zetten. 

      Je volgt specifieke didactiek rond het aanleren van een vreemde taal. 

    • Nederlands

      Taal en dus ook Nederlands helpt mensen om contact te maken met anderen, gevoelens te uiten, informatie te verwerken, gedachten te ordenen, … Het is een  uitdaging om jongeren daarbij te begeleiden en te ondersteunen. Nederlands is een hoofdvak waardoor je vele contacturen in dezelfde klas staat. Dit stelt je in staat om een band op te bouwen met de leerlingen. 

      VAKINHOUD 

      In je hele traject hebben we zowel aandacht voor taal als voor literatuur. Bij de start ligt de klemtoon op het taalsysteem: spelling en grammatica. Ook werk je aan je schriftelijke en mondelinge taal. Je verkent het aanbod jeugdliteratuur. 

      Vervolgens bestudeer je de taal  in relatie tot tijd, ruimte en maatschappij. Deze aandacht voor o.a. de taalvariatie sluit aan bij de zorg voor de sociaal-culturele variatie, diversiteit. Onze blik op literatuur verruimt met fictie in de literatuurgeschiedenis, film, theater en poëzie. 

      Tenslotte bekijken we hoe een taalbeleid op school eruit kan zien. Ook kiezen, lezen en bespreken we samen één roman en zetten we onze verkenning van de Nederlandse literatuur verder.  

      DIDACTISCHE HANDVATTEN 

      We koppelen de toegepaste didactiek aan de vakinhoud: we werken zelf aan de vaardigheden lezen, schrijven, luisteren en spreken en maken telkens de vertaalslag naar de klaspraktijk in het middelbaar onderwijs. Je krijgt concrete voorbeelden van typelesjes en lesvoorbereidingen, individuele begeleiding en feedback op voorbereidingen, taken en presentaties. 

      Je leert didactisch omgaan met nieuwe media en maakt jongeren enthousiast voor lezen. Je ontdekt hoe je inductief, interactief en activerend  leerlingen kan uitdagen, ook al is Nederlands hun tweede taal of hebben ze een  lees- of  schrijfprobleem.  

    • Nederlands - Niet Thuistaal (NT2)

      VAKINHOUD 

      Je eigen Nederlands wordt onder de loep genomen. Je werkt aan je taalvaardigheid op het vlak van vaardigheden (lezen, spreken, schrijven en luisteren), strategieën, spelling en grammatica aan de hand van interactieve oefeningen en projecten. 

      Je leert de doelgroep en het NT2-landschap kennen: welke organisaties kunnen jou of je leerlingen/cursisten ondersteunen? Bovendien ontwikkel je communicatievaardigheden om met mensen uit verschillende culturen op een verbindende manier in interactie te gaan. 

      Didactische handvatten 

      Geleidelijk aan leer je om je vaardigheden en kennis van het Nederlands over te dragen op jongeren en volwassenen. Onder andere via stage en micro-teaching – korte lesjes aan je medestudenten – bereiden we je voor om les te geven in een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers. 

    • Wiskunde

      Wij moeten je niet vertellen dat wiskunde leuk is. Zien hoe verschillende delen logisch in elkaar passen, hoe je na lang zoeken plots het licht ziet, hoe een onoverkomelijk lijkende oefening plots makkelijk wordt, … dat zijn leuke en leerzame momenten eigen aan wiskunde. Het 'Ah, nu snap ik het'-moment ook bij je leerlingen laten ondervinden, dat maakt dit onderwijsvak zo boeiend! 

      VAKINHOUD 

      Centraal in je programma staat de leerstof wiskunde van de eerste en tweede graad secundair onderwijs. We baseren ons op de leerplannen wiskunde voor het ASO. We maken ook ruimte voor leerstofonderdelen die in het secundair onderwijs niet op het programma staan, maar die nodig zijn om de materie beter te beheersen, zoals logica en verzamelingenleer. Ook leerstof uit de derde graad secundair onderwijs nemen we onder de loep. Zo begrijp je waar jouw leerstof naartoe leidt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan kegelsneden. 

      DIDACTISCHE HANDVATTEN 

      Naast de vakinhoud, hechten we uiteraard ook veel belang aan je didactische vaardigheden: de kunst van het onderwijzen. We analyseren uitgebreid de verschillende opleidingsonderdelen. Hoe zit dit wiskundig in elkaar? Welke aanpak, volgorde of methode kies je best om dit aan te leren? 

      We maken gebruik van ervarings- en onderzoeksgebaseerde methodes in het lesgeven. Eerst leer je de theorie aan, daarna oefen je die in via praktijkopdrachten. Tot slot test je je kunde zelf uit tijdens de stages, en krijg je feedback.  

    Na je opleiding

    Meteen aan de slag

    Studies tonen aan dat er de komende jaren een substantieel tekort zal ontstaan aan goed gevormde leerkrachten secundair onderwijs. Een extra onderwijsbevoegdheid zorgt ervoor dat je breed inzetbaar bent. Je kan ook specifiek kiezen voor een knelpuntvak.

    Met je diploma kan je zo aan de slag als leerkracht in het secundair onderwijs, en dat in alle onderwijsnetten. Zeker in een stedelijke omgeving vind je ongetwijfeld snel een toffe job.

    Verder studeren

    Zin in meer? Dan heb je wel wat mogelijkheden, een postgraduaat Niet-Confessionele Zedenleer bijvoorbeeld.

    Of misschien wil je een bijkomend diploma Lager Onderwijs of Kleuteronderwijs behalen? Ook dat kan via een flextraject. Of kies je voor nog een extra lesbevoegdheid in dit verkorte traject Secundair Onderwijs?

Nieuws over de lerarenopleidingen

Deze opleidingen kunnen ook interessant voor je zijn: