Overslaan en naar de inhoud gaan
project

Preventie dak- en thuisloosheid in Antwerpen: een datagestuurde aanpak

Probleemschets

Dak- en thuisloosheid blijft een belangrijke maatschappelijke uitdaging in Antwerpen. Hoewel verschillende stedelijke diensten en partnerorganisaties dagelijks werken aan opvang, begeleiding en preventie, ontbreekt vandaag een geïntegreerd en datagestuurd inzicht in de processen die tot dak- en thuisloosheid leiden. Bestaande registratiesystemen bevatten waardevolle informatie, maar worden vaak gebruikt vanuit operationele noden en zijn onvoldoende ingericht om risicosituaties vroegtijdig te detecteren of de impact van preventieve interventies systematisch te meten. Hierdoor blijven kansen onbenut om dakloosheid te voorkomen voordat mensen daadwerkelijk uit hun woning of leefomgeving uitvallen.

De complexiteit van het Antwerpse ecosysteem vormt hierbij een bijkomende uitdaging. Talrijke stedelijke diensten, zoals Sociale Dienstverlening en Maatschappelijke Veiligheid, evenals externe partners zoals welzijnsorganisaties, registreren elk gegevens in uiteenlopende systemen en volgens verschillende praktijken. Daardoor is het moeilijk om patronen, risicofactoren en overgangsmomenten in kaart te brengen die kunnen wijzen op een verhoogde kans op (her)instroom in dak- en thuisloosheid. Tegelijk groeit de beleidsmatige ambitie om meer preventief te werken, de instroom te beperken en de effectiviteit van bestaande maatregelen beter te monitoren. Om dit te realiseren is er nood aan een wetenschappelijk onderbouwde analyse van beschikbare data, een beter begrip van relevante risicosignalen en aanbevelingen voor een toekomstgerichte registratie- en rapporteringspraktijk.

Onderzoeksvraag

Het onderzoek vertrekt vanuit de centrale vraag hoe registratie, informatiedeling en rapportering kunnen worden versterkt om dak- en thuisloosheid vroeger te detecteren en effectiever te voorkomen. Daarbij wordt specifiek onderzocht welke gegevens, voor welke doelgroepen, op welke momenten en binnen welke systemen moeten worden geregistreerd om als zogenaamde “knipperlichten” te functioneren. Deze knipperlichten zijn signalen die wijzen op een verhoogd risico op dak- of thuisloosheid en die aanleiding kunnen geven tot tijdige preventieve of aanklampende ondersteuning.

Om deze centrale onderzoeksvraag te beantwoorden, richt het project zich op drie samenhangende doelstellingen: 

  1. De analyse van bestaande registratiegegevens om patronen, oorzaken en risicogroepen in kaart te brengen; 
  2. De identificatie van voorspellende signalen en relevante knipperlichten op basis van literatuur, praktijkervaring en data-analyse; 
  3. De formulering van aanbevelingen voor aangepaste registratie-, rapporterings- en monitoringssystemen die preventie en impactmeting ondersteunen.
Methode

Het onderzoek hanteert een mixed-methods aanpak waarin kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethoden worden gecombineerd. Een eerste luik bestaat uit een uitgebreide analyse van bestaande registratiedata. Hierbij worden onder meer de instroom in dakloosheid, doorverwijzingen, directe aanleidingen, risicofactoren en terugkerende patronen onderzocht. Daarnaast wordt nagegaan welke sterktes en hiaten aanwezig zijn in de huidige databanken en registratiesystemen.

Een tweede luik omvat een literatuurstudie en kwalitatief onderzoek bij professionals die actief zijn binnen het domein van dak- en thuisloosheid. Via vijftien tot twintig interviews wordt kennis verzameld over de oorzaken van dak- en thuisloosheid, ervaringen met preventie, registratiepraktijken en informatiedeling. Deze gesprekken bieden inzicht in welke signalen professionals reeds herkennen en welke drempels zij ervaren bij vroegdetectie en preventief handelen.

Een derde luik bestaat uit een participatief leertraject met een werkgroep van betrokken actoren. In vier interactieve workshops worden de resultaten uit de data-analyse, literatuur en interviews besproken en getoetst aan de praktijk. Deze werkwijze moet ervoor zorgen dat de voorgestelde oplossingen niet alleen wetenschappelijk onderbouwd zijn, maar ook haalbaar en bruikbaar binnen de dagelijkse werking van diensten en organisaties.

Verwachte resultaten

Het onderzoek resulteert in een beter inzicht in de instroommechanismen van dak- en thuisloosheid in Antwerpen en in de identificatie van specifieke risicogroepen, terugkerende patronen en kritieke overgangsmomenten. Daarnaast worden relevante knipperlichten en voorspellende signalen geïdentificeerd die een vroegtijdige detectie van risico’s mogelijk maken.

Op basis van deze inzichten worden concrete aanbevelingen ontwikkeld voor de verbetering van registratie, rapportering en gegevensdeling. Het onderzoek zal aangeven welke gegevens prioritair geregistreerd moeten worden, hoe bestaande systemen op korte termijn kunnen worden aangepast en welke structurele veranderingen op langere termijn wenselijk zijn. Ook worden voorstellen geformuleerd voor impactgerichte monitoring, zodat de effectiviteit van preventieve interventies beter kan worden opgevolgd.

Uiteindelijk beoogt het project een meer geïntegreerde en datagedreven aanpak van dak- en thuisloosheid, waarbij relevante signalen sneller worden herkend en ondersteuning tijdiger kan worden ingezet. Hierdoor krijgt de Stad Antwerpen een sterkere basis om de instroom in dak- en thuisloosheid te beperken, preventieve beleidskeuzes te onderbouwen en de maatschappelijke impact van haar interventies te vergroten.