Op social media circuleren talloze posts over gezondheid en opvoeding van jonge kinderen. Maar niet al deze adviezen zijn correct en dat kan ernstige gevolgen hebben. Zo lanceerde Kind en Gezin recent de campagne ‘Veilig slapen’ nadat desinformatie op social media in verband werd gebracht met een toename van wiegendood. Zorgprofessionals beschikken wél over de juiste kennis. Kunnen zij tegengewicht bieden aan de desinformatie en commerciële boodschappen die online circuleren?
Maar liefst 93% van jonge ouders (25 tot 34 jarigen) gebruikt dagelijks Facebook en/of Instagram en één op drie volgt minstens één influencer. Verrassend genoeg gebruiken ouders dit niet enkel om informatie te zoeken, maar ook om steun en herkenning te vinden. Verhalen van andere ouders voelen vaak toegankelijker en betrouwbaarder dan formeel advies. Maar net daar schuilt een risico: goedbedoelde ervaringen kunnen onbedoeld leiden tot het verspreiden van desinformatie.
Daarom onderzoeken AP experten Vanessa De Bock en Rianne Jansens, samen met studenten van AP Hogeschool en Universiteit Antwerpen, hoe zorgprofessionals via social media gezondheidsbevorderende informatie kunnen delen met (aanstaande) ouders van jonge kinderen. In een uniek project brengen ze in kaart hoe zorgverleners, zoals vroedkundigen en ergotherapeuten, social media vandaag gebruiken of net vermijden. Ze zoeken antwoorden op vragen waar velen mee worstelen zodra ze zich online begeven: Wat mag je wel of niet delen? Hoe blijf je ethisch en juridisch correct? Hoe ga je om met negatieve reacties of verkeerde interpretaties? En hoe combineer je inhoudelijke juistheid met de logica van social media-algoritmes, die vooral herhaling en emotie belonen?
De rol van zorgprofessionals
Zorgprofessionals beschikken over correcte, evidence-based kennis. Toch zijn zij op social media opvallend minder zichtbaar dan influencers. Wie wel actief is, doet dat vaak op eigen initiatief, intuïtief of in samenwerking met communicatieprofessionals. Een duidelijk en actueel kader dat zorgverleners ondersteunt bij het professioneel delen van gezondheidsinformatie online ontbreekt vandaag.
Net daarom richt het onderzoek zich niet alleen op zorgprofessionals die al actief zijn op social media, maar ook op wie twijfelt. Via een survey en interviews brengen de onderzoekers in kaart welke factoren zorgprofessionals motiveren of net tegenhouden om social media in te zetten voor gezondheidspromotie. Daarbij is er bijzondere aandacht voor drempels zoals tijdsgebrek, ‘digitale wijsheid’, ethische vragen en onzekerheid over verantwoordelijkheid.
Naar duidelijke richtlijnen en opleiding
Het project reikt verder dan enkel analyse. De resultaten moeten bijdragen aan concrete richtlijnen voor de praktijk en input leveren voor opleidingen en beroepsverenigingen. En dat is nodig, want zulke richtlijnen voor zorgprofessionals ontbreken of zijn verouderd. Plus, als gezondheidspromotie via social media een blijvend onderdeel wordt van zorgverlening, dan moeten zorgprofessionals ook leren hoe ze dit kwaliteitsvol en verantwoord kunnen doen.
Daarom werkt het onderzoeksteam samen met een klankbordgroep van experten uit communicatiewetenschappen, evidence-based gezondheidszorg en het zorgopleidingen. Verpleegkundigen, vroedkundigen en ergotherapeuten uit de praktijk en het onderwijs denken mee na over haalbare en realistische aanbevelingen. Op basis van hun input worden concrete tools ontwikkeld om zorgprofessionals te ondersteunen in het versterken van hun digitale wijsheid.
Doe mee aan het onderzoek!
Ben jij zorgprofessional? Ben je actief op social media, twijfel je nog of blijf je er bewust van weg? Neem dan deel aan de survey van dit onderzoek! Door jouw ervaringen te delen, help je mee te bouwen aan een toekomst waarin correcte gezondheidsinformatie online beter zichtbaar én beter ondersteund wordt.

