In 2004 ging Sven Van Otten aan de slag als lasser bij DAF Trucks Vlaanderen. Doorheen de jaren kon hij telkens opnieuw groeien in zijn job: van lasser tot teamleader en van teamleader tot supervisor. En nu, na de opleiding Preventieadviseur niveau 2 bij de open opleidingen voor professionals van AP, werkt hij als Health & Safety Expert.
Sven vertelt ons hoe hij de opleiding heeft ervaren en waarom hij ze aan iedereen zou aanraden.
Waarom besloot je om een opleiding te volgen en verder te professionaliseren?
“In mijn functie als supervisor was ik me al bewust van de aanwezige gevaren en risico’s op de werkvloer. De veiligheid van de medewerkers in mijn afdeling was voor mij echt een prioriteit. Ik probeerde om mijn medewerkers voortdurend te herinneren aan onze preventiemaatregelen en -richtlijnen, zoals het dragen van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen.
Toen een van de collega’s van Health & Safety met pensioen ging en er dus een plekje vrijkwam in het preventieteam, heb ik hiervoor gesolliciteerd en de kans gekregen om de opleiding Preventieadviseur niveau 2 te volgen.”
Was er een specifieke aanleiding om het onderwerp ‘handveiligheid’ te kiezen voor je eindwerk?
"Uit analyses bleek dat meer dan de helft van onze arbeidsongevallen leidde tot hand- en vingerletsels. Dat werd door het management ook aangehaald als actiepunt. Binnen heel DAF werd door Health & Safety een project ‘High Five voor Handveiligheid’ opgestart. Via een doorgedreven Participatieve Risicoanalyse wilden we iedereen maximaal betrekken en een volledig beeld krijgen van alle risico’s in alle afdelingen.
Ik kreeg de kans om dit thema als onderwerp te gebruiken voor mijn eindwerk in de opleiding tot Preventieadviseur. Gezien de aandacht die handveiligheid al kreeg binnen DAF leek dit me een ideaal project als eindwerk. Bovendien kon ik me volledig vinden in de gekozen aanpak om de medewerkers maximaal te betrekken.”
Hoe heb je het aangepakt om de preventiestrategie te bepalen?
“We zijn vertrokken van de gekende risico’s en incidenten met betrekking tot handveiligheid, maar dat gaf slechts een beperkt beeld. Om alle risico’s in kaart te brengen probeerden we de ervaring van alle medewerkers in te zetten. Daarom vroegen we de teamleaders en supervisors om binnen hun teams vijf vooraf bepaalde thema’s rond handveiligheid te bespreken. Daarbij noteerden medewerkers alle incidenten (en bijna-incidenten) die ze al gezien of meegemaakt hadden.
Elk scenario dat op tafel lag, werd besproken. Op die manier verzamelden we een database aan informatie voor elk van onze werkplaatsen. Daarna deden we een risicoanalyse en bekeken we wat er beter kon op vlak van machine, mens en gedrag.”
Wat was het grootste obstakel in het traject en hoe ben je daarmee omgegaan?
“Bij de start vreesde ik voor weerstand tijdens de workshops, zowel van de mensen op de werkvloer als van de sociale partners. Maar dat viel eigenlijk heel goed mee.
Omdat de medewerkers zelf mee konden denken en naar oplossingen zoeken, hadden we een breed draagvlak. En als animator van de workshops had ik ook het voordeel dat ik ‘een van de mannen’ ben. Ik heb namelijk zelf ook op de werkvloer gestaan en ik spreek dezelfde taal.”
Het aantal hand- en vingerletsels en EHBO-interventies bij DAF is sterk gedaald.

Welke impact heeft het project van het eindwerk gehad op de dagelijkse werking bij DAF?
“Om te beginnen is het aantal hand- en vingerletsels met 48% gedaald. Ook het aantal EHBO-interventies kwam na de opleiding op het laagste punt te staan van de voorbije 15 jaar.
Bovendien hielp het om veiligheid nog sterker als gespreksonderwerp op de werkvloer te krijgen. Door onze participatieve aanpak werden alle lagen van de organisatie betrokken bij de handveiligheid-campagne, wat dan weer zorgde voor een groter draagvlak voor veiligheid."
Ik heb op een andere manier naar veiligheid leren kijken.
Wat heb je in de opleiding geleerd dat je niet via ervaring alleen had kunnen leren?
“Wat de opleiding echt interessant maakte, was de diversiteit van de cursisten. Er waren preventieadviseurs uit heel wat andere bedrijven en sectoren aanwezig. Tijdens groepsopdrachten was het ontzettend waardevol om hun input en aanpak te ontdekken.
Ik merk zelf ook dat ik op een andere manier naar veiligheid heb leren kijken. Ik heb me nieuwe vaktaal eigen gemaakt en ik kijk nu bij alles wat ik doe op het werk naar het veiligheidsaspect.
De opleiding maakt mensen écht warm voor veiligheid, niet enkel voor het diploma of certificaat.”

