Dans

Over de opleiding

De opleiding Dans is een professioneel gerichte opleiding van 3 jaar. Een erg intensieve, gebalde opleiding die een grote motivatie en discipline vraagt. Je wordt opgeleid tot hedendaags danser met een grote gevoeligheid, zelfstandigheid en zelfbewustzijn. Als danser moet je vandaag kunnen creëren en herdefiniëren, niet zomaar kopiëren of uitvoeren. We laten je samenwerken met professionele gezelschappen en diverse choreografen zodat je je eigen sterktes en zwaktes leert kennen en hanteren, ruime podiumervaring opdoet en een netwerk opzet waarop je kan beginnen bouwen.

Blikopener/Wim Vandekeybus. Fotografie Frederik Beyens

De bachelor dans omvat 180 studiepunten (ECTS).

Van traditie tot een eigen dansparcours

Je wordt geconfronteerd met traditie en gestimuleerd om een eigen artistiek parcours af te leggen. Door ontmoetingen tussen dans, muziek, theater en beeldende kunsten kom je tot nieuwe verbanden. Je leert de hedendaagse danstechnische eisen beheersen. Je gaat het internationale danswerkveld tegemoet met krachtige persoonlijkheid, artistieke gevoeligheid, ruime culturele en theoretische achtergrond en professionele vakkennis.


Internationale dimensie en open communicatie

In het conservatorium ben je omringd door een groot aantal buitenlandse studenten en docenten. Het contact tussen studenten dans, drama en muziek zorgt voor een unieke dynamiek. Dankzij intense samenwerkingen met onder meer de Internationale Kunstcampus deSingel kom je terecht in een breed internationaal netwerk. Je wordt persoonlijk begeleid door een team van ervaren docenten dat jaarlijks wordt aangevuld met internationaal gerenommeerde artiesten. Een open communicatie staat voorop.


Aantrekkelijk, maar zwaar

Onderschat de professionele bachelor niet, de opleiding is zwaar. Naast danstechnische vorming volg je ook nog productiepraktijk, drama, masterclasses en workshops. Op vlak van theorie krijg je culturele stromingen, dansanalyse, dansgeschiedenis, anatomische bewegingsanalyse en algemene muziekleer. Toewijding is nodig om te slagen.


Pedagogische visie

Mentoring
'Mentoring is a lifelong relationship in which a mentor helps a protégé reach her or his potential' (Biehl, 19)


'Mentoring provides, first, an instrumental or career function, and second, an intrinsic or psychosocial function' (Cunningham, 443)

Elke student dans heeft zijn eigen mentor. In het eerste jaar wordt die toegewezen, de studenten van het tweede jaar kiezen zelf een docent als mentor. Laatstejaarsstudenten kunnen, als zij dat wensen, een externe mentor bij de opleiding betrekken. De bedoeling is om een vertrouwensrelatie op te bouwen tussen student en mentor die, naast het bieden van een praktische begeleiding, ook het (zelf)reflectief proces van de jonge danser op een bewust niveau tilt.

Er zijn drie niveaus van evaluatie: kennis en inzicht, toepassing en ‘embodyment’. Op die manier wil het docententeam de studenten opleiden tot zelfstandige podiumkunstenaars die zowel danser, performer, maker als leraar kunnen zijn.


Bachelorproef

De bachelorproef is een proces dat in het eerste jaar begint. Het uiteindelijke resultaat wordt afgeleverd op het einde van de opleiding en bestaat uit:
- een portfolio waarin de student de ontwikkeling van zijn eigen visie en persoonlijkheid aantoont
- een paper: reflectieve paper over het makersproces van de eigen productie
- een eigen productie/ eigen werk
- als de student dit wenst kan hier ook een stage in verwerkt worden.


Technische vaardigheden

Moderne & hedendaagse dans: het accent ligt op het toepassen van de danstechnische vaardigheden, die zowel vormelijk als inhoudelijk in ontwikkeling is en voortdurend in wisselwerking treedt met andere kunstvormen en hedendaagse tendensen. Binnen elk opleidingsonderdeel worden basisbewegingspatronen gecombineerd tot een dansant geheel, waarbij rekening wordt gehouden met de dynamische eigenheid en het karakter ervan. Op die manier worden dansers gevormd die een brede waaier aan technische mogelijkheden hebben.

Improvisatie & compositie: dient als inspiratiebron voor choreografisch materiaal en wordt als middel gebruikt om een verhoogde sensitiviteit en bewustzijn op te bouwen op bewegingsvlak in het hier en nu met zichzelf en de ruimte. Een breed spectrum van inspiratiebronnen wordt aangereikt (visueel, zintuiglijk, auditief, toeval, beperkingen, inhoudelijke thema’s, conceptueel, imaginair, alledaagse handelingen,…).

Klassieke dans: is een zeer goede basis voor alle andere dansstijlen. ‘Placement’ is hier zeer belangrijk en binnen deze klassieke techniek wordt er bewust aan lichaamshouding, lenigheid en vormspanning gewerkt. Daarbij ligt de nadruk op snelheid, accuratesse en zuiverheid. Het is een bewust omgaan met de klassieke danstechniek in functie van andere danstechnieken.

Pilates en yoga: Pilates is een trainingsmethode voor lichaam en geest. Met de nadruk op correcte ademhaling en de juiste balans tussen kracht en souplesse, gebruikt deze techniek de buik, de onderrug en de bilspieren als centrum van kracht, waardoor de rest van het lichaam vrij kan bewegen. Sinds academiejaar 2010-11 wordt ook yoga aangeboden, speciaal voor dansers.

Artistieke vaardigheden

Hier ligt de nadruk op creativiteit. De vaardigheden van de danser worden verder geëxploreerd. De flexibele toepassing ervan wordt getraind in een choreografische context.

Productiepraktijk: via een intensief en creatief werkproces, begeleid door binnen- en buitenlandse choreografen, wordt een choreografie gemaakt. Alle aspecten van het beroep van danskunstenaar komen hier aan bod zoals diverse werkmethoden, stijlen en technieken bij het creëren, onderhouden en (her)instuderen en uitvoeren van choreografieën. Dit opleidingsonderdeel maakt de student vertrouwd met de eisen die werkveld aan hem zal stellen. De creatie wordt telkens professioneel gepresenteerd aan het publiek.
Drama: door middel van improvisaties leert de student zich op een podium te uiten. Het is een natuurlijk spel van lichaamstaal, gelaatsuitdrukking, tempo, stemvolume en juiste spanning tussen de spelers. De student traint de speltechnieken en leert inhoud en vorm te geven aan een speltekst.
Workshops & masterclasses: praktische, technisch-artistieke en theoretische domeinen worden verkend. Artistieke uitwisseling is steeds een gegeven. Gerenommeerde gastdocenten en choreografen uit binnen- en buitenland worden hiervoor uitgenodigd.

Theorethische vorming

Dans wordt theoretisch benaderd en sociocultureel geplaatst. Danspatronen en dansvoorstellingen worden geanalyseerd en geplaatst in het breder geheel van kunst en cultuur.

Culturele Stromingen: kunst- en cultuurstromingen door de eeuwen heen en situering ervan binnen het maatschappelijk kader.
Dansgeschiedenis: de ontwikkeling van de westerse theaterdans geschetst vanaf de primitieve beschavingen tot de 20ste eeuw. In het kader van dit onderdeel worden regelmatig dansvoorstellingen bijgewoond.
Dansanalyse: inzicht in bewegings- en compositiestructuren en het leren analyseren van klassieke en moderne bewegingspatronen.  Later worden de parameters van de choreografische creativiteit ontwaard, geduid en verklaard door voorstellingen te analyseren.
Anatomische bewegingsanalyse: kennis van de anatomie van het lichaam in functie van houding, beweging, uithouding en kracht. Studie van vaak voorkomende letsels en blessurepreventie.
Algemene muziekleer: herkennen en duiden van muziek uit de verschillende stijlperiodes door de eeuwen heen met nadruk op de 20ste eeuw. Muzikale begrippen en notenleer.

Keuzepakket

Uitbreiding repertoire: instudering, repetitie en voorstelling van bestaande choreografieën van gerenommeerde choreografen.
Uitbreiding choreografie: theoretische en praktische uiteenzetting van choreografische principes met aandacht voor opbouw, structuur, ruimtegebruik en muzikale analyse, resulterend in een toonmoment.
Stage: het verwerven van beroepservaring door middel van een proefperiode bij een professioneel dansgezelschap/externe producties.

Studiebelasting

De bachelor dans omvat 180 studiepunten, conform met het European Credit Transfer System (ECTS). De opleiding besteedt zowel aandacht aan de uitvoerings- als aan de creatieaspecten van de danspraktijk en biedt de mogelijkheid tot individueel bewegingsonderzoek. Het is een voltijdse studie waarbij een lesdag zich situeert tussen 9u ‘s morgens en 9u ’s avonds. Weekavonden en weekends zijn vrijgehouden van contacturen. Het laat de studenten toe avonden en weekends te besteden aan zelfstudie en buitenschoolse projecten. Binnen de opleiding wordt er gestreefd naar een evenwichtig programma. Occasionele piekmomenten zijn uiteraard mogelijk in periodes van voorstellingen en toonmomenten.

En daarna?

Afgestudeerden van de bachelor dans vinden hun weg als danser bij diverse producties en bij gerenommeerde gezelschappen in binnen- en buitenland. Lees meer.
Ben je afgestudeerd of heb je voldoende beroepservaring? Volg dan de specifieke lerarenopleiding dans (60 studiepunten) en start een loopbaan in het dansonderwijs.